|
Preek 24 mei 2001 Hemelvaart |
|
Preek door Jan van Opstal Preek
over Lucas 24:50,51 Schriftlezingen:
Handelingen 1:1-11,
|
|
Voor
de kinderen: Ik
denk dat ze hooguit twee of drie jaar oud was! Een
klein meisje nog, vrolijk en enthousiast. Mijn dochter Marita zag toen
nergens gevaar! We
hadden een bungalow gehuurd op zo’n groot park, met een speeltuin en een
overdekt zwembad. Ik
zie dat kleine meisje nòg rennen, in haar bikini. Ze kon nog niet
zwemmen. Plompverloren
sprong ze in het diepe bad. Ze kwam niet meer boven..... Ze zonk naar de
bodem!... ‘Ze
verdrinkt!!’ Kortsluiting in m’n hoofd! ‘Ik moet haar redden!!’ Ik
dook het water in! God-dank, ik had haar meteen te pakken! En
snel naar boven! Ik tilde haar met haar hoofd hoog boven het water uit!
Gelukkig, ze is er weer! En
ik vergeet nooit, hoe ze toen tegen me lachte, de schrik nog in haar ogen. Maar
vooral een lach vol vertrouwen: natuurlijk, papa redt me wel! Daar heb je
toch een papa voor?! Weet
je wat Hemelvaartsdag betekent?: we hebben een Vader in de hemel die niet
wil dat ik verdrink, die me naduikt in het diepe, en me het hoofd boven
water houdt..... Gemeente
van Jezus Christus, Toen
de aarde nog plat was, en de hemel daar als een grote koepel, een soort
glazen stolp overheen stond; toen
konden de mensen zich Jezus’ hemelvaart nog wel voorstellen! Natuurlijk!,
daar ging Jezus, recht omhoog, want daar boven ons is de hemel, en daar
ging Hij naartoe. Maar
in deze tijd van ruimtevaart en raketschilden, van satellieten en
space-labs; kun je je nù nog iets voorstellen bij Zijn hemelvaart?? Ging
Jezus zo tegen alle wetten van de zwaartekracht en dwars door de dampkring
de ruimte in? Volgens
mij is dat niet wat Lucas vertelt. Hij heeft het niet over Jezus als de
eerste ruimtetoerist. Dàt
was meneer Tito, die Amerikaanse miljonair. Die betaalde een paar maanden
terug vijftig miljoen gulden voor een reisje door de ruimte. “Wat
ik daar gezien heb, zei hij, dat was het paradijs!” Was
Jezus’ hemelvaart dan ook zo’n ruimtetrip naar het paradijs? Ik
lèès dat niet! Wat ik wel lees is dit: van Pasen tot Hemelvaart: dat is
precies veertig dagen. Veertig
dagen lang is Jezus steeds weer aan Zijn discipelen verschenen om ze
duidelijk te maken: ‘kop op! Ik ben niet dood! Ik leef!’ Vòòr
Jezus’ entree-en-public was Hij veertig dagen in de woestijn. Dan komt
Hij op een hoge berg, met een panorama over de hele wereld. ‘Allemaal
voor jou!, fluistert de duivel, als jìj nu één knieval voor mij
maakt!’ En
nu, aan het eind, weer veertig dagen, en een berg; en nu zegt Jezus:
‘Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde!’ ‘Niet
de duivel, maar Ìk “has
got the whole world in my hands”!’ De
discipelen staan nog wat te knipperen met hun ogen: ‘dit is toch
fantastisch! Hij is onze Koning!’ En
ineens zien ze Jezus niet meer! Waar is Hij nou? Ze kijken om zich heen,
ze kijken naar boven. Niets! Alleen
een wolk! Nee, niet zomaar een wolk. Net als het getal veertig, en net als
die berg betèkent die wolk iets. Het
is symbool voor Gods aanwezigheid. Weet u het nog?: die wolk rondom de
berg Sinai van de Tien Geboden? En de wolk die de tempel indreef: teken
dat God er is! Een
wolk is ongrijpbaar, het maakt de hemel onzichtbaar, en toch: dààr moet
God zijn! De
wolk van Hemelvaartsdag is: Jezus is nu bij God! Daar
komt vast onze uitdrukking vandaan: “ik ben in de wolken”. Ik voel me
zàlig! Dichtbij God dus! Jezus
is in de wolken! Definitief bij God! Niet dood in een graf, maar levend
aan de achterkant van de wolk. Dàt
hebben de discipelen gezien op Hemelvaartsdag. O
ja, en weet je wat het laatste is wat ze van Jezus zagen: Zijn zegenende
handen! En
dat vind ik zo mooi. Jezus liet hen niet Zijn hielen zien, maar Zijn
handen! Hielen
zeggen: ik ga bij je weg! Maar
die handen zeggen: ik houd je vast. ‘Prent
mijn handen in je geheugen! Net als die vader zijn dochtertje met het
hoofd boven water tilde, zo houd Ik jullie het hoofd boven water!’ ‘Wij
blijven verbonden, hoor! Want Ik ben immers jullie hoofd, en jullie zijn
Mijn Lichaam op aarde.’ ‘Ik
ga naar de hemel, naar boven, als een teken dat Ik jullie hoofd boven
water houd.’ Kijk,
dàt maakt Hemelvaartsdag voor mij tot een feest! Jezus,
het hoofd; wij Zijn Lichaam! Dus er ècht onderdoor, verdrinken zullen we
niet! Dat
heb ik wel een beetje nodig hoor, om deze dag te vieren. In
de kerkenraden moeten we een rapport bespreken dat het zò slecht gaat met
de kerken in Den Haag, dat de komende zes jaar één-derde van alle
predikanten moet verdwijnen. Gods-huis
lijkt hier wel een beetje een sterfhuis..... ‘Ho!
Je bent het toch nog niet vergeten? Jullie zijn Mijn Lichaam, en
hemelvaart betekent dat Ik jullie hoofd zo hoog houd, boven water houd!’ ‘Geen
paniek, zorg nou maar dat jij ook echt als Mijn Lichaam op aarde leeft!’ Soms
word ik zo naar de diepte gezogen: ”omdat ik m’n man, m’n vrouw zo
mis; omdat
het misgaat met m’n gezondheid; alles
mislukt in m’n werk, in m’n liefde.” En
ik schreeuw: Help!! Ik verdrink!! Maar
dan zijn er twee handen, die me zullen optillen, en me boven water zullen
halen! Die zegenende handen van Hemelvaart zeggen mij: ‘kop op, Ik ben boven, om jou het hoofd boven water te houden!’
amen
|
|
© Jan van Opstal, 2001 |